Prashant Bhargava: ‘Ik wil de magie van het dagelijkse leven laten zien’

prashantOp 14 augustus [2011] interviewde ik regisseur Prashant Bhargava over zijn film PatangIn het verhaal volgen we verschillende personages die bij elkaar komen door een familiebezoek. Langzamerhand komen generatiekloven, opgekropte irritaties en onmacht naar boven. Tegelijkertijd staan mooie ontmoetingen, herinneringen en het vieren van een feestdag centraal.

Je bent opgegroeid in Chicago in een Indiase familie. Je vertelde gisteren bij het debat hoe je als kind je ooms zag vliegeren en hoe mooi je dat vond. Wanneer besloot je dat je hierover een film wilde maken?
Dat was zeven jaar geleden. Al mijn herinneringen aan het vliegeren waren de aanleiding voor de film. Ik besloot naar Ahmedabad te gaan en heb daar vooronderzoek gedaan. Het vliegerfeest Uttaryan vond ik zo fantastisch dat ik het in de film wilde verwerken.

Voor welk publiek heb je deze film gemaakt?
Ik had eigenlijk 3 doelgroepen in gedachten toen ik de film aan het maken was: de Indiase, Amerikaanse en Europese kijkers. Het familieleven dat je in de film ziet, de tradities, de liedjes die je hoort- daarmee wilde ik het Indiase publiek aanspreken. Het uitbundige vliegerfeest vindt het Amerikaanse publiek prachtig. Het is spectaculair om te zien, het is iets nieuws, wat Amerikanen niet op die manier kennen. Wat de Europese smaak voor films betreft, dat is eigenlijk waar ikzelf ook het meest van hou. Het rustige tempo waarin de plot zich ontvouwt. De natuurlijke, waarheidsgetrouwe manier neer om personages en verhaallijnen neer te zetten.

Het grootste verschil tussen Amerikaans publiek en Europees publiek zijn hun verwachtingen van een film. Ik vind zelf de Europeanen meer sophisticated, meer geduldig. Er mag meer tijd zitten in het vertellen van een echt verhaal, terwijl Amerikanen meer houden van snelheid en entertainment.

Bij het Soul of India-debat noemde je al even dat het grootste deel van de cast geen professionele acteurs zijn. De scène waarin Bobby zijn eerste kus meemaakt, was ook zijn eerste echte real-life kus. Heb je gericht een acteur gecast die die ervaring niet had? Of kwam je er later achter dat hij dat niet had en heb je dat vervolgens in het script verwerkt?
Nee, ik heb echt gezocht naar een jongen die nog nooit gekust was. We hadden 60 jongens die auditie kwamen doen voor de rol van Bobby, en Aakash (Maheriya) sprong er meteen uit. Ten eerste was hij met afstand de beste vliegeraar van allemaal, en ten tweede kam hij zo onschuldig over, het was duidelijk hoe groen hij was. We hebben ook erg ons best moeten doen om hem niet te laten merken dat die scène ging plaatsvinden. (lacht)

Dus hij wist het niet! Wanneer kwam hij erachter dat die scène ging komen?
Pas op het moment dat het gebeurde! Hij begreep al niet waarom de andere jongens hem voor de take steeds kauwgom gaven en grapjes met hem maakten. Ik heb hem vanaf het begin van de draaidagen wel verteld: ik zal je meenemen op een reis waar je als een ander mens uitkomt. Maar hij vermoedde niks. Uiteindelijk vond hij het zelf een geweldig moment en werd zelfs een beetje verliefd op zijn tegenspeelster. Stond hij om drie uur ‘s nachts op haar deur te kloppen enzo, haha. Ja hij vond haar wel echt leuk.

Een thema wat centraal staat is geluk, en wat dat betekent voor de verschillende personages. Gisteren bij het debat noemde je ook de geschiedenis van Ahmedabad en de rassenrellen die er plaats hebben gevonden. Je vertelde dat de mensen niet in dat verleden blijven hangen en dat ze vasthouden aan hun geluk, en dat je dat in de film wilt laten zien. Wilde je vooral het geluk laten zien dat in tegenstelling staat tot het gewelddadige verleden? Of ging het toch meer om het geluk van de verschillende personages?
Het familiebezoek van Jayesh is wat het verhaal aanzwengelt, en van daaruit ontstaat een verhaal over de levens van verschillende personages. Het was belangrijk om te laten zien wat geluk voor elk van hen betekent. Je hebt aan de ene kant het weerzien van Jayesh en zijn familie, zijn terugkeer naar de plek waar hij vandaan komt. Later is het verhaal tussen Bobby en Priya, en de andere verhalen die door elkaar lopen.

Buitenstaanders die naar Ahmedabad kijken zullen misschien als eerste denken aan de rellen die er zijn geweest, maar ik zou het absurd vinden om juist dat te moeten benadrukken in een film. Patang toont de andere kant, namelijk het kleine dagelijkse geluk van de mensen. Wat mij raakte was hoe de mensen hun leven leven en doorgaan. En hoe iedereen weer samen feestviert tijdens het vliegerfeest. 

Er was een scène waarin een klein jongetje stond te dansen en het volgende moment voorstelde om iemand in elkaar te slaan. Hoe was het om met de kinderen te werken en in hoeverre heb je hun gedrag geregisseerd? Vertelde je ze precies wat ze moesten doen, of was het ook spontaan gedrag?
Dat jongetje waar je het over hebt is Ghubra, hij was erg opstandig. Hij was de kleinste van het stel, maar ook degene die steeds een knokpartijtje probeerde te starten met andere kinderen op de set. Hij was erg ongeduldig, ook bij de voorbereidingen. Met de twaalf kinderen uit de film hebben we eerst twee maanden workshops gedaan, om vertrouwen op te bouwen. Zowel voor de kinderen onderling, als tussen de kinderen en de crew. We deden spelletjes om discipline en geheugen te trainen. En om ze vertrouwen te geven voor de camera te spelen. Soms zei ik tegen ze: doe eens een dansje, en dan liet ik het ze een aantal keer herhalen om het te onthouden. Maar ik liet ze geen zinnetjes opzeggen.

De kinderen waren fantastisch. Zelfs de acteur die Chakku speelt heeft erg veel van hen geleerd. Acteurs moeten in hun spel authentiek blijven, als ze faken werkt het niet. En zodra iemand iets fakete waren het de kinderen die dat meteen in de gaten hadden, omdat zij altijd zichzelf zijn.

Voor sommige scènes heb je takes van wel vijf uur genomen. Welke scène was het moeilijkst om op te nemen?
(denkt na) … Achter elke scène zit een heel verhaal, maar als ik er een moet noemen dan is het toch wel de vlieger-battle op het dak. Het is een hele lange scène waarin verschillende dingen gebeuren. Ten eerste was het lastig om de vliegers lang genoeg in de lucht te houden, ook om de bewegingen in de lucht goed vast te leggen. En het moment dat de vliegers neergehaald worden vergt een goede timing.

Ook het werken met de crew in Mumbai was lastig, want zij waren gewend om hele straten af te zetten en sets op te bouwen. Dat was precies wat ik niet wilde, ik wilde juist filmen met mensen in beeld die geen figuranten waren. Het kostte soms veel tijd om de crew precies duidelijk te maken wat ik voor ogen had.

Je komt zelf uit Chicago. Zie je duidelijke verschillen tussen Indiase filmmakers die in India wonen en zij die in andere landen wonen?
Ja ik zie wel verschillen, ook al zie ik mezelf niet behoren tot een van die categorieën. Je hebt de zogenaamde NRI’s, de non-resident Indians, die soms sterk de focus leggen op armoede of politieke issues. In mijn werk zijn dat geen thema’s die ik wil behandelen. Ik wil de magie van het dagelijkse leven laten zien.

Je zei dat vliegeren meditatief is en dat het mensen samenbrengt. Heeft de vlieger verder nog een symbolische betekenis?
Er zijn veel manieren waarop je naar vliegeren kan kijken. Het is alsof je een bericht de hemel in stuurt. Het meditatieve, wat ik al eerder noemde. Het breekbare van het dunne papier en de twijgjes waarmee het is gemaakt.

Tijdens het feest, Uttarayan, viert men dat de stand van de wind gaat veranderen. Er is één vlieger in de film die door de handen van alle personages gaat, die iedereen als het ware met elkaar verbindt. Daarmee probeer ik een parallel tussen hen te trekken, een soort rode draad die iedereen vasthoudt. Eerst is er het jongetje Hamid die de vlieger niet kan krijgen, dan Bobby die ermee speelt, dan Jayesh. De vlieger breekt, Sudha maakt hem. Jayesh probeert te hard om hem in de lucht te houden, totdat ie kapot gaat. Die kleine dingetjes zeggen veel over de personages en het verhaal.

Zoals verschenen op: http://www.worldcinemaamsterdam.nl/nl/menu-types/519-interview-prashant-bhargava